Gooi geen oude schoenen weg voordat je nieuwe hebt. Ik hou me me er niet aan. Sowieso vond ik geen nieuwe. En bovendien passen mijn blaren er niet in. Dus ik vervolg op sokken en teva sandalen. Duimen dat het goed gaat.
Taiwan, Slowakije, Zwitserland, Colorado en Denemarken, allemaal zijn ze present. We aten vanuit de foodtruck en vierden de laatste avond. Ieder met zijn eigen gedachten.
Ik voel dat ik klaar ben. Het voelt als een examen. Waarbij je van tevoren al weet dat je slaagt. Omdat ik mijn antwoorden meebreng.
Antwoorden zijn voor iedereen anders. En allemaal juist.
Ik ga nooit meer een camino doen. Mijn voeten kunnen er niet tegen. Die schreeuwen om genade.
Vervolg dag 9
De taxi staat voor de deur. Daarin zitten mijn lieve vrienden Petra en Leon. Ze nemen me mee naar een Italiaans restaurant.
De sfeer voelt vertrouwd. De pizza is precies zoals ik het verwacht. We vertellen over onze avonturen.
Morgen slapen zij weer in hun eigen bed in Limburg. Dat zet mij even aan het denken.
Dag 7 vervolg
Ken je die mop van die 2 Zuid-Afrikanen en die Duitser die denken dat ze na de boot de juiste weg lopen? Die liepen teveel kilometers. Ach, dat is niet echt verkeerd maar zonder mij. Ik ben inmiddels zo zeker dat ik mijn eigen pad kies. Ik kies vol trots het bospad. En ga gigantisch onderuit. Ik zit onder de modder. Er is niemand die mij kon oprapen.
Dag 4 vervolg
Net zoals veel pelgrims loop ik zoveel mogelijk langs de kust. Toch wijkt de camino beetje bij beetje af richting binnenland.
De weg wordt steeds smaller totdat die oplost. De weg is weg. Verdwaald.
Een medepelgrim loopt verdwaasd met me mee. Fijn, want 2 weten meer dan een. Er sluit er nog een aan. Nu komt het vast goed.
Eergisteren
In de ontbijtzaal leg ik mijn route uit aan een Nederlandse peregrina. Hm, de volgende herberg is geen 15 maar 25 km verder. Onder de ontbijttafel neuriën mijn voeten 'Weet je nog hoe we 9 jaar geleden onze nagels verloren, lalala'. Mijn moed zingt vrolijk mee. De moed zingt in mijn schoenen. Maar ik heb er zin in.
Gisteren bij de douane van vliegveld Eindhoven draaide ik me steeds weer om. Daar stond André me uit te zwaaien. Tussen alle reizigers was ik plotseling zo alleen. Ademen leek door een rietje te gaan. Mijn blik werd troebeler door het oogvocht.
Haha, wat moest ik lachen. Tijdens de vreselijk grappige film Buen Camino (op Netflix) liep de verwende miljonair die eigenlijk liever in Ibiza zat door de pelgrimsherberg.
Na een onrustige nacht vertrokken we vroeg. We wilden vroeg aankomen. Het ontbijt sloegen we over. Het is zondag en de winkels zijn nog niet open.
We zijn opgewonden. Het is zo'n raar idee dat onze camino straks klaar is.
Vrijdag begon als een grijze dag. Sombere wolken pakten zich bijeen. En keken ons dreigdend aan. Ik gebruikte voor het eerst mijn mooie regenjas.
De bergen zagen 1000 jaar geleden al hoe wij pelgrims aan kwamen lopen.
Misschien met andere schoenen. En ongetwijfeld andere jurkjes. Maar over precies dezelfde weg.
Hoe zou het over 1000 jaar zijn?
De herfst op de camino kondigt zich aan.
Struiken worden geel.
De groene bladeren van de bomen worden rood.
Mijn tocht wordt kleurrijker.